Home » Hoofdstuk 2 Geluid » Opdracht 4 Gehoorbereik

Opdracht 4 Gehoorbereik


Het gehoorbereik geeft aan welke tonen je nog kunt horen.

Een gemiddeld mens kan tonen van minder dan 20 Hz niet meer horen.

De bovengrens ligt voor een mens in de buurt van de 20 000 Hz.

Dieren hebben vaak een ander gehoorbereik dan mensen.

Een hond bijvoorbeeld heeft een gehoorbereik van 15 Hz tot 50 000 Hz.

Sommige hondenfluitjes brengen zulke hoge tonen voor die door een hond wel, maar

door een mens niet te horen zijn.

 

Vleermuizen hebben een gehoorbereik van 1000 Hz tot 120 000 Hz.

Zij kunnen dus hele hoge tonen horen.

Dat is ook nodig, want vleermuizen zijn blind.

Tijdens het vliegen gebruiken ze geluid om obstakels te ontwijken en

prooien te vangen.